Afgelopen weekend was het weer zover: er gaat niets boven Groningen. Talloze bandjes prostitueerden zich zoals ieder jaar op het elitaire festival Eurosonic/Noorderslag. Niet te betalen en allesbehalve toegankelijk voor de bescheiden muziekliefhebber. Nee, je krijgt pas toegang tot dit festival als je een half jaar van tevoren diep in de buidel tast of als je superstoer meldt dat je van een superhip relevant muziekblaadje bent. De patriciërs van de Nederlandse muziekscene bezuipen zich ieder jaar weer in het hoge noorden. Arme Gray Pathos is gefrustreerd, zul je denken, maar niets is minder waar.

 

Auteur: Gray Pathos

Als ik er zin in zou hebben door Groningen te glijden over de kwijl van matige muziekjournalisten en dik opgemaakte groupies, dan zou ik kunnen slijmen en kontkruipen bij de hogere muziekmachten, en mocht ook ik mee naar Eurosonic/Noorderslag. Dan zou ik lekker kunnen ‘netwerken’ (met andere woorden: rechtlullen wat krom is, opscheppen met wat je eigenlijk niet kunt en om de haverklap van mening veranderen omdat je hooggeplaatste gesprekspartner het niet met je eens is), over-de-top lyrisch worden van een indie-electropop-band die speelt op zelf in elkaar gepielde instrumenten, biertjes doen met zelflauwerende toprecensenten, en feesten met een nepglimlach waarmee je laat zien dat je het zo ontzettend naar je zin hebt met je ‘nieuwe vrienden’. Kortom: netwerken voor ultieme losers.

Hoewel er tientallen Nederlandse getalenteerde bands op Noorderslag spelen, draait het festival in het geheel niet om hen. Integendeel, het gaat om het publiek dat er gezien wil worden, dat zo graag wil horen bij de high society van BUMA/Stemra, platenmaatschappijen en ander tuig met een overschot aan gratis consumptiebonnen, hoe hard ze ook roepen dat ze ‘tegen commercialiteit’ zijn en ‘voor de underground-scene’.

Natuurlijk staat er, zoals ik al meldde, potentieel Nederlands glorie: Daily Bread (energieke electropop), Skip&Die (flamboyante electro), Traumahelikopter (aanstekelijke garagerock), Fresku (narratieve hiphop), John Coffey en Tenement Kids (melodische post-hardcore), Mozes and the Firstborn (hippe hardrock), Qeaux Qeaux Jones (funky jazz), Nobody Beats The Drum (allround dance), Birth of Joy (oldschool hardrock). Vlaams toptalent: Balthazar, AmenRa en Wallace Vanborn. Door het thema Finland van Eurosonic, het internationale gedeelte van het festival, speelt het antoniem van de gemiddelde naam op de immense gastenlijst.

Disco Ensemble is naar ons land gereisd om zichzelf te presenteren. Zanger Miikka Koivisto is zowel de bescheidenheid als de nuchterheid zelve, zingt totdat zijn stem het begeeft, en kijkt op foto’s alsof de bakvis naast hem de werkelijke superster is. Als je hem vraagt naar de muziek die hij met zijn band maakt, zal hij daarover zeggen dat hij dankbaar is dat de muziek gewaardeerd wordt die hij met zoveel passie de zaal in schreeuwt. Het beoordelende volk zou daarentegen hun publicaties noemen, opscheppen met zelfbedachte biografieën over artiesten die ze ‘ontmoet hebben’ en vooral iedere vijand als ‘arrogant en onwetend’ afdoen.

De kloof tussen muziekjournalistiek en de betreffende kunstvorm is zo groot, dat liefde in deze haat-liefdeverhouding slechts uit te drukken is in dollar-/eurotekens. En die liefde is geheel wederzijds. Professionele muziekjournalisten, uitzonderingen daar gelaten, houden namelijk niet van muziek, maar zien die als middel tot zelfverheerlijking. Er zijn heel andere wetten die gelden als er wordt geschreven over muziek, maar ook bij het inlijven door platenlabels. Geloof maar niet dat wij zelf bepalen wat goede of mooie muziek is, want dat bepaalt de muziekelite wel voor ons. Eurosonic/Noorderslag is de met een decadente grijns uitgestoken middelvinger naar het klootjesvolk dat de platen, cd’s en mp3’s koopt.

Het laatste voorbeeld is de abominabele popprijs, dit jaar uitgereikt aan Racoon, een band die al jarenlang geen originele plaat meer uit heeft gebracht. Ja, de Zeeuwen verdienden de prijs, acht jaar geleden, toen ze nog een vrij eigenzinnige band waren die qua sound geen leentjebuur speelde. Wat een ongelooflijke wijsheid, wat een onafhankelijke beslissing, wat een… verfijnde smaak! Nee, wat een hypocrisie van ‘vaklui’ die zelf geen noot spelen.

Wat een zwartgallig beeld hè? Toch wil ik met een vrolijke noot eindigen, want als je blijft destilleren zijn er nog gouden appeltjes te bespeuren tussen mijn talloze collega’s in de uit voornamelijk rotte appels samengestelde fruitmand van de muziekjournalistiek. Mensen die het beste voor hebben met piepjonge getalenteerde bandjes en artiesten, personen die zich in dienst stellen van de muziek in plaats van andersom, die zich niet laten beïnvloeden door marktwerking of zelfzuchtigheid. Een andere prijs, het IJzeren Podiumdier werd terecht voor de derde keer gewonnen door Toine Tax, de directeur van Doornroosje/Merleyn. En laat deze nou betrokken zijn bij een festival met al het nieuws onder de zon. de-Affaire: gratis toegankelijk… ook voor het muziekliefhebbende ‘klootjesvolk’! Bij dezen, mijn middelvinger terug naar een muziekbeschadigende meute en de jaarlijkse samenklontering daarvan: Eurosonic/Noorderslag!