Afgelopen weekend heb ik vrij weinig aan sport gedacht. Ik vierde feest met veel mede-Landgravenaren op een zomers Pinkpop, waarover ik verder geen woorden vuil ga maken. Dat is meer in Pauls straatje en wie weet beloont hij ons spoedig op onze wenken. Nee, ik ga het eens hebben over de Confederations Cup. Het enige toernooi waar wereldsterren en kokosnotenplukkers het tegen elkaar opnemen.

Auteur: Ricardo Walinski

Mijn vader whatsappte weliswaar de uitslagen van de MotoGP-wedstrijd in Spanje en over de nederlaag van Jong Nederland, maar het ging het ene oog in en het andere uit. Toen ik gisteren op de bank plofte heb ik met een half oog naar Spanje-Uruguay gekeken, een aansprekend affiche, ware het niet dat het een groepswedstrijd om de Confederations Cup betrof. Voetbal International kan het weliswaar het festival der kampioenen blijven noemen, ik heb dit weekend maar één festival gezien. Dat was niet de Confederations Cup.

De Confederations Cup is, voor de leken, een toernooi waaraan acht landen deelnemen en dat altijd een jaar voor het WK plaatsvindt. Deelnemers zijn het gastland (ook het gastland van dat eerstvolgende WK), de regerend wereldkampioen en de zes regerende continentale kampioenen. Deze editie betekent dat dus Brazilië (gastland), Spanje (Europees en wereldkampioen), Uruguay (Zuid-Amerikaans kampioen), Mexico (Noord-Amerikaans kampioen), Nigeria (Afrikaans kampioen), Japan (Aziatisch kampioen) en Tahiti (Oceanisch kampioen). Italië plaatst zich omdat ze de finale van het EK tegen Spanje verloren, dat als wereldkampioen uit 2010 al geplaatst was.

Hier zit al meteen iets kroms. Niet de nummer 2 van de wereld, nee, de nummer 2 van het continentale kampioenschap plaatst zich. Nu is het in dit geval een geluk bij een ongeluk, want anders was niet Italië maar Nederland afgereisd. Daar was het allemaal niet beter op geworden, want dan had de NOS waarschijnlijk nog groter uitgepakt. Dit bezwaar kan ik dus nog laten varen.

Het tweede probleem wat ik met de Confederations Cup heb is de opzet: het is een veredelde supercup. Supercups zijn wedstrijden tussen verschillende winnaars van competities. De meest voorkomende is de nationale supercup. Ieder land heeft er wel één, in Nederland is het de Johan Cruijff Schaal. De winnaar van de competitie (bijna altijd Ajax) speelt dan tegen de winnaar van de beker.

In Europa heb je verder nog de Europese Supercup, waar de winnaar van de Champions League het tegen de winnaar van de Europa League opneemt en waar nooit iemand zin in heeft. Het duel wordt ergens in Monaco weggemoffeld op een vrijdagavond en niemand geeft een fuck. Het Club World Championship is zo mogelijk nog erger. Dit is een soort Confederations Cup, maar dan voor clubteams. Vrijwel altijd wint het Europese team en er zijn altijd hele matige Afrikaanse en Aziatische ploegen. Doffe ellende.

De Confederations Cup heeft hetzelfde principe. Een waardeloos principe. De speelkalender zit al helemaal vol. Vooral topteams hebben hier last van. Laten we Javi Martinez nemen. De Spaans international speelde in de zomer van 2011 het jeugd-EK (nog zo’n zaadtoernooi deze zomer). Hij had toen al 40 wedstrijden in Spanje voor Athletic de Bilbao gespeeld. Na twee weken rust mocht hij weer aantreden voor het seizoen 2011-2012 waarin hij met Bilbao 60 wedstrijden speelde door een succesvolle Europa League-campagne. In de zomer van 2012 speelde hij bijna alle wedstrijden met Spanje op het EK, waarna hij dit seizoen bij Bayern München weer 50 wedstrijden speelde, ditmaal door een succesvolle Champions League-campagne.

U raadt het al: net toen Javi lekker op de playa had willen liggen deze zomer, mag hij voor de derde zomer op rij nog lekker doortrekken. Om de fucking Confederations Cup. Gisteren speelde Spanje nog wel een aansprekende wedstrijd tegen Uruguay, maar aankomende woensdag mag de wereldkampioen tegen Tahiti. Tahiti, dames en heren, heeft geen enkele professional in de gelederen. Tahiti heeft goedwillende amateurs, waarvan er zelfs eentje in zijn werkzame leven kokosnotenplukker is. De titel is dus niet racistisch, zoals u vermoedde, maar op werkelijkheid gebaseerd. Aanstaande woensdag, live op de NOS: een amateurelftal. Becommentarieerd door Jeroen Elshoff, op locatie. U moet er maar zin in hebben.