tontoJohnny Depp is boos. De Amerikaanse filmrecensenten hebben het gedaan. Zijn nieuwe blockbuster The Lone Ranger is een fiasco van spectaculaire proporties aan het worden en dat komt doordat de critici de lat veel te hoog hebben gelegd. Zelf vindt Johnny Depp dat zijn personage in The Lone Ranger – een excentrieke Indiaan die het midden houdt tussen Jack Sparrow en een figurant uit Dances with Wolves – eindelijk na een jaar of tweehonderd de ‘Native Americans’ de waardering geeft die ze verdienen, en dat de film alleen daarom al de moeite waard was. Een behoorlijk stompzinnige gedachte, evenals het idee dat het het filmpubliek ook maar iets interesseert wat critici ergens van vinden. The Lone Ranger is een fiasco, daar heeft Depp dan wel weer gelijk in, maar als hij even om zich heen had gekeken, had hij zich gerealiseerd dat er meer aan de hand is: we bevinden ons in de ‘Summer of Doom’.

Auteur: Martijn Kroese

Als u onlangs nog naar een bioscoop bent geweest, zijn u wellicht verschillende dingen opgevallen. Het eerste wat u had kunnen opmerken, is dat er sinds maart eigenlijk onafgebroken blockbusters te zien zijn in de Nederlandse bioscopen. De blockbuster is traditioneel een zomers genre; films die in juli of augustus onder het genot van een loeiende airco te zien zijn. In maart begon het dit jaar echter al met Gangster Squad en Oblivion, niet veel later gevolgd door films als Man of Steel, After Earth en Star Trek Into Darkness. Inmiddels kunt u ook World War Z, Pacific Rim, The Lone Ranger en The Wolverine zien, en binnenkort krijgen we Elysium en The Hunger Games: Catching Fire nog voor onze kiezen.

Als u al deze films ook daadwerkelijk had bezocht – en dan was u de enige geweest – dan had u nog iets anders kunnen opmerken: u had deze films al eens eerder gezien. Dat had u dan wellicht afgedaan als een déjà vu, of u had gedacht dat het kwam doordat u de trailer had gezien. Maar dat was een misvatting geweest. U had namelijk in eerste instantie gelijk: u heeft de meeste van deze films al eens eerder gezien.

De wereldwijde omzet van grote blockbusters ligt op dit moment, begin augustus, 20% lager dan het niveau van dezelfde periode vorig jaar. Tegelijkertijd is er een overdadig aantal blockbusters de bioscopen ingeslingerd dit jaar. Met andere woorden: bioscoopbezoekers hebben veel meer kansen gehad hun zuurverdiende centen te besteden, maar hebben dat massaal nagelaten. 20% lijkt wellicht niet veel, maar we praten dan over miljarden dollars. Het grote publiek realiseert het zich nog niet zo, maar Hollywood-insiders weten het inmiddels zeker: 2013 wordt de ‘Summer of Doom’ voor de Amerikaanse blockbuster genoemd en het genre zou, door de rampzalige zomer waar we nu inzitten, zomaar eens op sterven na dood kunnen zijn.

Steven Spielberg voorspelde het een paar weken geleden tijdens een panelinterview op Comic Con: “There’s going to be an implosion where three or four or maybe even half a dozen of these mega-budgeted movies go crashing into the ground – and that’s going to change the paradigm.” Maar ook Spielberg had nooit kunnen vermoeden dat zijn profetie nog dit jaar werkelijkheid zou worden.

Mogelijke redenen voor de aanstaande dood van de blockbuster – want daar moeten we ernstig rekening mee houden – zijn de mislukte 3D-hype en daarmee gepaard gaande prijsstijgingen. In Amerika kunnen bioscoopgangers vaak nog kiezen tussen 2D- of 3D-vertoningen – ze kiezen dan overigens in 66% van de gevallen voor de goedkopere 2D-voorstelling – maar in Europa wordt 3D ons opgedrongen. Wie een film als Pacific Rim in IMAX 3D wil zien moet inmiddels bijna vijftien euro betalen, want er komt ook nog een langefilmtoeslag bovenop. Mensen hebben daar, zeker in deze tijden, geen trek meer in.

De dood van de blockbuster is echter een ingewikkelder probleem dan een kwestie van toegangsprijzen. U zou namelijk nog altijd in uw achterhoofd met die ene gedachte kunnen zitten: ik heb al deze blockbusters al eens eerder gezien. U bent in dat geval niet de enige. De afgelopen acht jaar heeft u namelijk inderdaad ieder jaar dezelfde films kunnen zien, en dat heeft een aantoonbare reden.

Beat-SheetSave the Cat! The Last Book on Screenwriting You’ll Ever Need is een educatief boek van wijlen Blake Snyder. Het verscheen in 2005 en de gedachte van het boek is eenvoudig: er zijn vijftien simpele regels voor een blockbusterscript, en wie zich eraan houdt en voor goede special effects zorgt, kan een kaskraker produceren. Snyders formule is concreet en zeer precies: het omschrijft bijna van minuut tot minuut wat er in jouw film moet gebeuren. Het zal u ronduit verbijsteren hoe bekend het vijftiendelige stappenplan (zie hiernaast) van Snyder u in de oren klinkt.

Het is niet eens meer zo dat we ons één of twee films voor de geest kunnen halen die we in Snyders schema kunnen duwen. Nee, vrijwel iedere blockbuster sinds 2006 voldoet exact aan het stappenplan, inclusief succesvolle films als The Dark Knight Rises, Inception en The Avengers. Het is alsof heel schrijvend Hollywood met het verschijnen van Save the Cat! zijn eigen inspiratie uit het raam heeft gedonderd en machinaal is gaan herproduceren. Het heeft even geduurd, maar de kijker heeft het nu door: ik heb deze film al eens eerder gezien.

De ondertitel The Last Book on Screenwriting You’ll Ever Need is daarmee op ironische wijze erg goed gekozen. Blake Snyder overleed in 2009 en maakt nu dus niet meer mee wat zijn boek uiteindelijk aanricht, en dat is misschien maar het beste. Het blockbustergenre ontstond in 1975 met Jaws en staat op het punt om in 2013 met The Hunger Games: Catching Fire te sterven. Het waren 38 vermakelijke jaren.

En dan hebben we nog Johnny Depp die vindt dat het aan de critici ligt. Niet voor het eerst moet Hollywood eerst naar zichzelf kijken voordat men naar anderen wijst. De critici, dat zijn u en ik, en wij kunnen simpelweg constateren dat veel blockbusters geherkauwde variaties van hetzelfde zijn. Dat had Johnny Depp ook constateren toen hij het script van The Lone Ranger las. Maar iets zegt me dat hij die moeite nooit heeft genomen.