Vorige week legde ik uit waarom het Olympische rugbytoernooi een van de spannendste en meest opwindende Olympische evenementen gaat worden en dat het zeker uw aandacht waard is. Vandaag ga ik het tegenovergestelde doen, namelijk u adviseren om een Olympisch toernooi links te laten liggen.

Auteur: Coen van Rossum

Op een paar toppers na, die zich om welke reden dan ook niet hebben weten te plaatsen (en de occasionele Eric Moussambani), wordt ieder Olympisch toernooi beoefend door de sporters die de allerbesten zijn in hun discipline. Daarom zien we tijdens de Spelen altijd zo veel nieuwe wereldrecords. Daarom zijn de Spelen het grootste sportevenement ter wereld. Daarom betekent een Olympische medaille nog altijd meer dan een wereldtitel. Er is echter één sport die de negatieve uitzondering is op deze regel: voetbal.

Te groot

Er zijn een aantal problemen met het Olympische voetbaltoernooi. Het eerste is het aantal deelnemers. Bij de heren strijden 16 teams om de titel, bij de dames 12: beide toernooien bestaan uit een poulefase, waarin ieder team drie wedstrijden speelt, en een knock-outfase die begint met kwartfinales. Dat zijn veel wedstrijden die in zeer korte tijd gespeeld moeten worden. Te veel, besloot het Olympisch Comité, waardoor het Olympisch voetbaltoernooi langer duurt dan de Spelen zelf: de openingsceremonie is op 5 augustus, maar de voetballers zijn op 3 augustus al begonnen.

Te verspreid

Het Olympisch stadion is altijd het centrale bouwwerk van de Spelen: de wedstrijden die in deze arena worden uitgevochten, zijn de belangrijkste van de komende vier jaar. Toch worden er nauwelijks voetbalwedstrijden gespeeld in het João Havelange Stadion (een Olympisch stadion vernoemen naar een van corruptie betichte oud-FIFA-voorzitter, altijd een goed idee). Het gros van de duels wordt gespeeld in andere stadions, soms vele honderden kilometers van Rio de Janeiro af. Het resultaat: het Olympische toernooi oogt nauwelijks Olympisch, maar lijkt meer op het zoveelste internationale voetbaltoernooitje. Olympische sporten worden in het Olympische hart gespeeld, niet op drie uur vliegen daar vandaan.

Arena_Amazônia
De Arena Amazonia in Manaus, een van de Olympische voetbalstadions. Manaus ligt op bijna 3000 kilometer van Rio de Janeiro
Te jong

Bij topsport horen de allerbeste sporters hun allerbeste prestaties te geven. Bij de dames is dit ook het geval, maar bij de heren slaat men de plank behoorlijk mis; er mogen alleen spelers van 23 jaar of jonger meedoen, op drie dispensatiespelers na. Wat een aanfluiting. De Spelen zijn het sporthoogtepunt van de afgelopen en de aanstaande vier jaar, maar het voetbaltoernooi is op deze manier niet meer dan een veredeld Onder 23-toernooitje dat toevallig in hetzelfde land als de Olympische Spelen wordt afgewerkt.

gerald-sibon
Gerald Sibon kwam voor Nederland uit op de Spelen van 2008. Hij heeft verder geen interlands voor Nederland op zijn cv staan
Wat nu?

In deze opzet heeft het voetbaltoernooi niets te zoeken op de Olympische Spelen. Het is te groot, te verspreid en de spelers die eraan meedoen zijn niet de beste in hun discipline. Dat was niet altijd zo. Voordat de FIFA werd opgericht en in 1930 het eerste WK Voetbal georganiseerd werd, was het Olympische voetbaltoernooi de enige titel die ertoe deed. Dat Nederland er in die jaren drie keer met brons vandoor ging, is allang in de vergetelheid geraakt, net als de namen die de prijzen mee naar huis namen: heeft u ooit gehoord van Bok de Korver, de spil van het Olympische elftal van 1908 en 1912?

Het Olympisch voetbaltoernooi wil alles zijn en is daardoor helemaal niks. Het wil een volledig voetbaltoernooi zijn, terwijl daar geen tijd voor is. Het wil de beste spelers op de grasmat hebben, maar die hebben daar na een slopend seizoen helemaal geen trek in. En omdat er zo veel wedstrijden zijn, worden er nauwelijks duels in het Olympisch stadion gespeeld.

7 tegen 7

Er moet iets veranderen en ik denk dat we de oplossing in mijn artikel van vorige week moeten zoeken. Al in de 19de eeuw hadden de rugbyers door dat hun sport niet in een kort toernooi gespeeld kon worden. In plaats van allerlei omstandigheden aan te passen om de sport maar puur te houden, koos men voor een veel radicalere oplossing: pas gewoon het spel aan. Door acht spelers per team weg te halen en de speeltijd drastisch te verkorten, werd het opeens wel mogelijk om een volledige toernooi in een tijdsbestek van een weekendje te spelen. Supporters blij. Atleten blij. Organisatoren blij.

Voetbal zou er goed aan doen het voorbeeld van hun rugbybroeders te volgen. In de zomer schieten de 7 tegen 7­-competities als paddenstoelen uit de grond, waarvan sommige zelfs door de KNVB georganiseerd worden. Waarom neemt men deze opzet niet eens wat serieuzer? Ik ben ervan overtuigd dat deze variatie uit zou kunnen groeien tot een op zichzelf staande sport, die niet alleen de voetbalsupporter een nieuwe spelvorm zou schenken, maar ook meer voetballers een kans op een plek in de spotlights zou geven. Daarnaast kan het binnen een week afgerond worden en kan het in zijn geheel in één stadion gespeeld worden, waardoor het geheel binnen Rio kan blijven.

Zelf zie ik alleen maar voordelen, al denk ik niet dat het IOC en de FIFA daar hetzelfde over denken. Ik denk echter wel dat ze het op één punt met me eens zullen zijn: er moet in ieder geval iets gebeuren om het Olympische voetbaltoernooi weer op de kaart te zetten.