Afgelopen week won het Colombiaanse Atletico Nacional de Copa Libertadores, de Zuid-Amerikaanse versie van de Champions League. Voor de club uit Medellin was het de tweede keer, na 1989. De overwinning telt als een afrekening met spoken uit het verleden.

De veelbesproken Netflix-serie Narcos is de meest recente uitwas van de hernieuwde interesse in drugsbaron Pablo Escobar. Een nieuwe generatie westerlingen raakte bekend met het verhaal van Escobar en zijn cocaïne-imperium, verteld door de ogen van een Amerikaanse DEA-agent. Dat het een matige serie is, leek bijzaak. Escobar is weer hot and happening. Eerder verscheen in Colombia al het veel betere Escobar, el Patron del Mal en in HBO-serie Entourage speelde hoofdpersonage Vincent Chase in het fictieve Medellin, een blockbuster over onze Pablo.

Escobar en voetbal

Wat heeft dit nu in godsnaam met Atletico Nacional en Zuid-Amerikaans voetbal te maken? Escobar was, zoals zoveel Colombiaanse mannen, bezeten van voetbal. Hij was fervent supporter van het Colombiaanse nationale elftal en, zoals het een ware Paisa betaamt, van Atletico Nacional. Eind jaren tachtig was Escobars macht ongeëvenaard en zijn fortuin bestond naar verluidt uit miljarden dollars. Eerst investeerde Escobar veel geld in veldjes voor straatvoetbal en sponsorde hij jeugdteams.  Daarna deed hij wat vrijwel iedere voetbalgekke miljonair doet: investeren in een profclub. Atletico Nacional, toch al een grote club, had er een machtige financier bij.

In 1989 culmineerde dit in een prachtprijs: de Copa Libertadores werd binnengehaald. Het team bestond volledig uit Colombianen, een regel die de club in 1987 zichzelf had opgelegd. De twee bekendste spelers, keeper René Higuita en verdediger Andres Escobar, waren allebei geboren in Medellin. Higuita was een van de eerste ‘sweeper keepers’, een doelman die ver voor zijn doel kan spelen en als extra verdediger optreedt. Daarnaast haalde hij vele capriolen uit, zoals deze schorpioenredding. Het leverde hem de bijnaam El Loco (de gek) op. Andres Escobar (geen familie) werd noodlottig bekend: na een eigen goal op het WK 1994 werd hij doodgeschoten.

Nare Bijsmaak

Escobar was vreselijk trots op de overwinning van Atletico Nacional, maar was ook bezig met andere zaken: 1989 was het jaar waarin hij een passagiersvliegtuig liet opblazen en presidentskandidaat Luis Carlos Galan omlegde. 1989 was dus niet alleen een keerpunt in de Westerse geschiedenis, ook voor Escobar, Atletico Nacional en Colombia veranderde alles.

Voor voetballiefhebbers is die overwinning uit 1989 een dubbele: enerzijds speelde Atletico Nacional onder leiding van coach Francisco Maturana heerlijk voetbal met lokale spelers, anderzijds was het door Escobars inmenging een club die draaide op drugsgeld. Dat een scheidsrechter werd doodgeschoten door drugsbendes na verloren weddenschappen hielp de reputatie van het Colombiaanse voetbal ook niet bepaald. Een gouden generatie Colombianen, die ook prachtige dingen liet zien op het WK in 1994, kreeg voor altijd een stempel.

Deze eeuw neemt Colombia echter revanche. In 2001 wonnen ze al de Copa America, de eerste toonaangevende prijs in hun historie. In 2014 haalde het nationale elftal de kwartfinale van het WK, met als grote ster James Rodriguez. Afgelopen week bereikte het succes het voorlopige hoogtepunt met de overwinning van Atletico Nacional, dat weer als thermometer van het Colombiaanse voetbal optreedt. Godzijdank is het dit keer positief.

Afbeelding: Sebas Areiza