De sportzomer zit er alweer bijna op. Andy Murray en Serena Williams wonnen Wimbledon. Chris Froome ging met de Tour aan de haal, Portugal werd Europees kampioen voetbal, maar dat waren allemaal slechts opwarmers voor het grote werk. Over slechts elf dagen beginnen de Olympische Spelen in Rio. In deel 1 en 2 van deze serie keken we al naar het meest en het minst interessante Olympische toernooi. Vandaag kijken we naar waar het voor ons allemaal om gaat: Nederlands succes. Of u het wil of niet, over minder dan twee weken zijn we allemaal weer z0 chauvinistisch als de pest. Zelfs wanneer we sporten kijken waarbij we normaal gesproken zouden wegzappen.

Het Nederlandse sportsucces was de afgelopen maanden niet aan te slepen. In het Olympisch Stadion werden de Nederlandse atleten overladen met eremetaal. Maxie rijdt nog steeds iedereen aan gort (althans, iedereen die net als hij geen kampioenswaardige auto onder zijn reet heeft) en ook in de Tour mochten we niet klagen met twee etappeoverwinningen. Er is dit jaar echter maar één evenement dat over dertig jaar nog in het collectieve geheugen zit: de Spelen van 2016 in Rio, waar alle appartementen in het Olympisch dorp lekken en het zeilwater nog smeriger is dan boerenkool met nasi (succes, Dorian van Rijsselberghe).

Dit worden namelijk voor Nederland de beste Spelen ooit. Als kleine jongen keek ik in 2000 naar de Spelen van Sydney, waar met name Pieter van den Hoogenband, Inge de Bruijn en Leontien van Moorsel de veelvraten waren; 12 van de 25 medailles gingen naar deze sporthelden. Dit jaar hebben we een paar troeven die daar over heen kunnen. Op wie moeten we letten?

Atletiek

Nederland heeft op de moeder aller sporten tegenwoordig een zeer sterke vertegenwoordiging. Churandy ‘dat is wel niet oké’ Martina is alweer toe aan zijn derde (en waarschijnlijk laatste) Spelen. Martina is weliswaar een (zeer grote) outsider, maar het zou wel niet oké zijn om hem niet in dit overzicht op te nemen. Alle ogen zullen echter gericht zijn supertopsportchick Dafne Schippers. Schippers is een sportvrouw zoals je die in Nederland slechts zelden ziet: onverschrokken, zonder excuses en met maar één doel voor ogen: WINNEN! Op de 100, 200 en 4×100 meter welteverstaan.

 

Ten slotte verdient ook Sifan Hassan uw aandacht. Hassan doet in Rio mee op de 800 meter, maar zal met name op de 1500 meter proberen haar borst voor de andere loopsters over de finish te drukken.

 

BMX

Van de moeder aller sporten gaan we naar de rebellerende tiener van de 31e Olympiade. Sinds 2008 staat BMX op het programma en sindsdien wist Nederland één medaille te pakken: Laura Smulders pakte brons in Londen. In Rio doen twee Nederlandse vrouwen (Merle van Benthem en Laura Smulders) en drie mannen (Niek Kimman, Twan van Gendt en Jelle van Gorkum) mee aan deze Olympische sport, zoals we die het liefst zien: onvoorspelbaar, ruig, met een groot aantal kanshebbers. Reden genoeg om onze vijf landgenoten extra goed in de gaten te houden.

Smulders-Laura-100812-03
Laura Smulders
Hockey

Laten we het niet ontkennen: Nederlanders zijn eindbazen in hockey. De Nederlandse competitie is zowel bij de mannen als de vrouwen de sterkste van de wereld en dat succes werkt door in de nationale teams. In ’96 en 2000 pakten de mannen goud en in ’84, 2008 en 2012 de vrouwen. Tel daar nog eens vier keer zilver en drie keer brons voor de mannen en één keer zilver en drie keer brons voor de vrouwen bij op en je snapt waarom Nederland terecht als een grootmacht gezien wordt.

Goud_voor_hockeyvrouwen_(Foto_ANP)
Goud voor de dames in Londen
Judo

Ook in deze sport doet Nederland het vaak goed. Sinds de intrede van het judo op de Olympische kalender in 1972 pakten we vier keer goud, twee keer zilver en veertien keer brons. In 2012 viel de oogst met slechts twee keer brons nog tegen, maar dit jaar wordt er hoger ingezet. Dex Elmont en Henk Grol zijn kanshebbers bij de heren, en bij de dames wordt veel verwacht van Kim Polling en Marhinde Verkerk (al hopen we hier bij Incognitief nog op een succesje van Nijmegenaar Jeroen Mooren).

jeroen-mooren
Jeroen Mooren

 

Wielrennen

De afgelopen Tour was slechts een opwarmertje voor Tom Dumoulin. Twee etappeoverwinningen (een bergrit en een tijdrit) en tweede plek bij de klimtijdrit hebben Dumoulin tot favoriet op de tijdrit gebombardeerd. Helaas gooide dezelfde Tour rout in het eten; in een van de laatste etappes kwam hij hard ten val, met een breukje in zijn pols als gevolg. Het schijnt allemaal wel mee te vallen en er is goede hoop dat Dumoulin het gewoon haalt, maar het wordt niettemin een race tegen de klok, met een voorbereiding die allerminst ideaal te noemen is.

Bij de vrouwen verwachten we veel van Marianne Vos. Vos heeft al goud op de weg en op de baan weten te pakken, en doet in Rio alleen mee aan de wegwedstrijd. Dat de vorm eraan begint te komen, bewees ze gisteren met een derde plaats in de eindsprint op de Champs-Élysées.