Pas las ik in de Volkskrant een interview met Saskia Noort. Ze schrijft dat er weinig krachtige vrouwen zijn in de literatuur. Vooral ‘frigide moeders of labiele vrouwen met borderline. Van die over the top-romanfiguren die altijd beeldig zijn en altijd zin hebben in seks.’ Volgens haarzelf schrijft zij wel over krachtige vrouwen, met een succesvolle carrière die heel stabiel zijn en mannen verslinden in plaats van afhankelijk te zijn. Is het dan echt zo erg gesteld met de Nederlandse literatuur wat betreft ‘de vrouw’, of valt het wel mee? Bij dezen: een serie over krachtige vrouwen in de literatuur, speciaal voor Saskia Noort.

Aurélie Lindeboom uit Een honger door Jamal Ouariachi is een journaliste van begin dertig. Ze heeft haar leven prima voor elkaar: een kind, een man, een mooie woning in hartje Amsterdam en een baan als redacteur bij een DWDD-achtig programma. Op haar werk nadert de zomerstop als Aurélie bericht krijgt van een oude bekende: Alexander Laszlo. Alexander en Aurélie hebben tien jaar geleden een zeer gepassioneerde, maar kortstondige relatie gehad. Aurélie was destijds 22 en liep stage bij het bedrijf waar Alexander, ruim 25 jaar ouder, een beroemd ontwikkelingswerker was. Ze hebben elkaar in Ethiopië ontmoet, waar Alexander zich inzette tegen hongersnood.

In eerste instantie dacht ik: ‘Ah tof, net wat de wereld nodig heeft: wéér een roman waarin een charismatische oudere man een jong meisje inpalmt.’ Gelukkig bleek het tegenovergestelde te gebeuren. De terugblikken naar Aurélies studentenjaren staan in schril contrast met de passages over Aurélie de dertiger. Als 22-jarige was ze hevig onder de indruk van Alexander en vond ze alles geweldig en bijzonder wat hij deed en vertelde. Maar voor een 22-jarige die voor het eerst écht verliefd is, is dat niet zo vreemd. Daarnaast was ze veel meer dan slechts een neukertje: Alexander hemelt regelmatig haar ideeën op en lijkt, als je door het bord voor zijn kop heen kan kijken, echt van Aurélie te gaan houden. Toch wordt deze relatie nooit echt gelijkwaardig, al is het maar omdat de machtige en aartsintellectuele Alexander adoptiekinderen heeft van Aurélies leeftijd.

Ruim tien jaar later ontmoeten ze elkaar weer en de verhoudingen zijn op scherp. Aurélie ziet Alexander als een oude, dikke en cynisch geworden man die uit is op eerherstel. De personificatie van vergane glorie. In zijn gloriejaren was Alexander een tv-bekende ontwikkelingswerker die kinderen uit Ethiopië had geadopteerd. Hij was de Bob Geldof in de Een honger-wereld. Zijn carriere was in één klap voorbij toen hij beschuldigd werd van het misbruiken van een van zijn adoptiekinderen. Hij verloor zijn baan, kwam in de gevangenis terecht en de relatie met Aurélie was voorgoed voorbij.

Alexander is vastberaden om zijn kant van het verhaal te vertellen door middel van een kunstig geschreven biografie, plus een controversiële theorie/filosofie over pedofilie en de omgang met kinderen. Ai. Op dat punt schuift hij na lange tijd Aurélies leven in: hij vraagt haar om zijn boek te schrijven.

Aurélie, inmiddels zelf moeder, aarzelt lang, maar gaat uiteindelijk op zijn aanbod in. In het begin van het verhaal stak Aurélie een beetje ‘tam’ af bij de vurig beschreven Alexander, maar Aurélie draagt het verhaal. Letterlijk, aangezien ze zelf de schrijver wordt en de lezer Alexander voorschotelt. Ze luistert, observeert, is kritisch en redigeert. Zij trekt de macht naar zich toe om het verhaal zo op te schrijven dat het aantrekkelijk en interessant wordt. Aurélie is de ultieme journaliste: ondanks haar vooroordelen, angst en terechte aarzelingen wordt ze vooral gedreven door brandende nieuwsgierigheid. Haar man vindt die hele Alexander niets, maar Aurélie zet door. Ondanks haar eigen twijfels, die van haar man en de angst voor haar eigen reputatie als journalist. Wil ze wel geassocieerd worden met zulke filosofieën, hoe nieuwsgierig ze er eigenlijk ook naar is? Bepaalde ideeën waar ze van gruwt, verwerkt ze kunstig. Als een geoefende psycholoog stelt ze Alexander de juiste vragen en als een vlijtig schrijfster weet ze precies de juiste snaar te raken.

Aurélie is een romanpersonage dat over zichzelf nadenkt en inziet dat niet alleen Alexander, maar ook zij ontzettend veel veranderd is. Ook de wereld om hun heen is compleet anders dan die van tien jaar daarvoor. Ze is niet meer dat naïeve en idealistische studentje dat zich daadwerkelijk zorgen maakte over honger in Ethiopië. Ze realiseert zich dat ze zich nu alleen zorgen maakt over haar eigen kind. Haar idealen zijn verdwenen.

De spanning tussen Aurélie en Alexander maakt Een honger interessant, net als het feit dat je er als lezer veel later achterkomt hoe groot de invloed van Aurélie is op het verhaal. Het lijkt ‘Alexander voor’ en ‘Alexander na’, maar veel passages zijn zogenaamd al door Aurélie verwerkt en geven de lezer dus een sympathiekere, gekleurde versie van de arrogante Laszlo. Kortom, Een honger is voor een groot deel al het werk van Aurélie en dat maakt haar personage extra bijzonder.