Ik voel me best mannelijk. Ik drink graag bier en kijk graag sport. Ik maak een podcast over voetbal, nota bene. Ik heb nog wel tien kenmerken die door de maatschappij aan de masculiene zijde van de genderkloof gezet worden. Het is dan ook lang ongemakkelijk voor mij geweest om uit te komen voor een bepaalde mening. Eentje die nogal feminien is. Na gisteren weer, voor minstens de tiende keer, onder een dekentje op de bank gezeten te hebben bij deze film, durf ik het luidkeels te zeggen: Love Actually is mijn favoriete film.

De cast

Alan Rickman (voor mij persoonlijk de ‘bekende dode’ van 2016 waar ik het langst van baalde, samen met Cruijff) in een huwelijk met Emma Thompson, een van mijn favoriete actrices. Die is weer de zus van Hugh Grant, de meest charmante man van het universum. Haar personage is trouwens ook goed bevriend met dat van Liam Neeson, die zijn heerlijke, natuurlijke Noord-Ierse accent mag laten horen. Ik kan nog wel even doorgaan: Colin Firth, Martin Freeman, Rowan Atkinson, Billy Bob Thornton, Keira Knightley, Chiwetel Ejiofor, January Jones, Claudia Schiffer, Elisha Cuthbert, Shannon Elizabeth en als eeuwige topper: Bill. Fucking. Nighy.

De regisseur (en schrijver, en producer)

Leuk hoor, zo’n sterrencast vol met A-listers en karakteracteurs, maar dat hoeft niet altijd een succes te zijn. (Jullie krijgen de groetjes van Collateral Beauty, Movie 43, Sin City 2 en Valentine’s Day) Het succes valt en staat bij een regisseur en schrijver die het beste in zo’n ensemble naar boven kan halen. Richard Curtis is zo’n man. Hij schreef en regisseerde drie films (naast Love Actually ook The Boat That Rocked en About Time). Ze staan allemaal in mijn persoonlijke top twintig op IMDB. Voor hij ook mocht regisseren, was hij louter screenwriter. In die hoedanigheid is hij (mede) verantwoordelijk voor Blackadder, Four Weddings and a Funeral, Notting Hill en Bridget Jones. Wauw.

De variatie in verhaallijnen

Hier zit stiekem het werkelijke succes: Love Actually is voor ieder wat wils. Of het nu gaat om Billy Macks revanche en rebelse houding tegen de huidige popcultuur, de hartverwarmende tragiek van kleine Sam die zijn moeder verliest en de liefde ontdekt, de socialeklassedoorbrekende liefde van een premier en zijn dienstmeid of het grenzeloze optimisme van Colin en zijn persoonlijke American Dream, er is genoeg variatie voor iedereen. Het wordt bij elkaar gehouden door de overkoepelende sfeer: iedere verhaallijn heeft een happy end. Die happy endings zijn verdiend: diezelfde personages hebben eerder hun vrouw of moeder verloren, hun man zien vreemdgaan, hun vrouw met hun broer in bed aangetroffen, hun crush met hun beste vriend zien trouwen, etcetera. Dit zijn mensen die je het aller-, aller-, allerbeste gunt.

De soundtrack

Dat krijgen ze dan ook (ja ik kan gerust spoilen, want bestaat er werkelijk iemand die deze film nooit gezien heeft?), op de tonen van het mooiste ‘alles komt goed’-liedje: God Only Knows. Dat is niet het enige perfect gekozen nummer in de film: Jump geeft net dat extra zetje aan de faam van Hugh Grants dansscene. Christmas is All Around You heeft precies de goede lulligheid. Lynden David Halls versie van All You Need Is Love past precies in de trouwsfeer. Both Sides Now van Joni Mitchell geeft precies de juiste kriebels als Emma Thompson beseft dat haar man op iemand anders verliefd is. Mijn god, Love Actually is zelfs de enige keer per jaar dat All I Want For Christmas Is You draaglijk is. Als dat geen kerstwonder is, weet ik het ook niet meer.