Afgelopen weekend was het kermis in ons dorp. Omdat ik “helaas” elke avond van die week iets anders te doen had ben ik niet in de gelegenheid geweest een van de feesttenten te bezoeken, maar dat wil niet zeggen dat ik helemaal niets heb meegekregen van de feestvreugde. Eigenlijk heb ik vooral één ding meegekregen en dat is het nummer ‘Liever te dik in de kist dan een feestje gemist’. Van alle keren dat ik langs het kermisterrein en het feestgedruis fietste of liep was dit nummer maar liefst 100% van de keren te horen. Waarom? Ik heb een theorie. Heeft U uw aluminium hoedje bij de hand?

De eerste twee keer valt het natuurlijk nog niet echt op, maar als je binnen drie dagen tot driemaal toe dit nummer op nagenoeg dezelfde locatie op verschillende tijdstippen hoort, moet er toch wel meer aan de hand zijn. Een tijdje terug had ik al eens nagedacht over de muziekkeuze tijdens feesten en partijen, maar dankzij dit nummer waarin op authentiek Nederlandse kermiswijze de yolo-levensovertuiging wordt bezongen beginnen de puzzelstukjes nu langzaam op zijn plek te vallen.

Zeer waarschijnlijk heeft een groot deel van alle mensen in Nederland (en vast ook op de aarde, maar laten we het even klein en gezellig houden) een favoriet liedje. Ik durf met enige zekerheid te stellen dat dit zeer waarschijnlijk niet ‘Liever te dik in de kist’ is. Het is een nummer dat bij weinig mensen in de top 10 zal staan, maar waar veel mensen ‘wel naar kunnen luisteren’. Als ik met mensen spreek over een kermis, een tentfeest of een soortgelijke happening waar ze dat weekend uit zijn geweest en vraag of ze de muziek ook daadwerkelijk leuk was krijg ik regelmatig het antwoord dat ze niet echt van die muziek houden, maar dat het op dat moment ‘wel ok’ is.

Meer bier = slechtere muziek

Op zich een begrijpelijke reactie, net als iedereen heb ik zelf wel eens ervaren dat de gewilligheid om nummers als ‘Angels’ van Robbie Williams mee te blèren toeneemt als de bierconsumptie stijgt. Alcohol is goed voor slechte beslissingen zoals het bellen van je ex, het eten van die supervette en eigenlijk best vieze pizza en je muzieksmaak op feestjes. Niettemin blijf ik het een interessant fenomeen vinden dat we thuis nooit naar ‘foute muziek’ luisteren en dat dit in een kermistent na tien pils opeens de muziek blijkt te zijn waar de hele tent naar staat te luisteren. Een tent vol mensen met hun eigen muzieksmaak en hun eigen favoriete nummers en maar een handje vol daarvan heeft daar ‘Te dik in de kist’ tussen staan. En toch staan we daar met iedereen naar te luisteren.

Dan kunnen er twee dingen aan de hand zijn. De eerste optie is dat stiekem meer mensen dan ik voor mogelijk had gehouden daadwerkelijk houden van het Nederlandstalige kermislevenslied dan ik voor mogelijk had gehouden. De tweede optie is dat veel mensen eigenlijk nauwelijks naar deze muziek luisteren en ‘m maar voor lief nemen omdat ze gewoon een gezellige avond op stap willen. Dat betekent dat er dus ergens iemand is die beslist dat deze muziek acceptabel is voor iedereen. Je zou zeggen dat elke dj dat voor zichzelf en zijn publiek kan bepalen, maar toch hoor je overal dezelfde nummers.

Sheldon deelt mijn mening over de muzieksmaak van de meerderheid der mensheid.

Verbond van Slechteriken en Verdoemenis

Dit houdt in dat deze nummers, ondanks dat veel mensen ze niet echt hoog hebben zitten, uitgroeien tot hits. Zo werkt het waarschijnlijk niet alleen op kermissen en feesten, maar ook op de radiozenders die wij elke dag luisteren. Ga maar na: hoeveel nummers vind je daadwerkelijk écht goed en hoeveel nummers zijn gewoonweg wel acceptabel of vallen in de categorie ‘net niet slecht genoeg om af te zetten’? Als je daarbij het gelul van die dj’s optelt blijven er weinig nummers over waarvoor je daadwerkelijk naar de radio luistert. De rest is muzikaal behang waar je langs af luistert. Leuk voor op de achtergrond tijdens het afwassen, douchen of borrelen met vrienden, maar niet voor een relaxte luistersessie met je koptelefoon op in je luie stoel of hangmat.

Als een nummer een hit wordt wil dat dus niet per se zeggen dat veel mensen het goed vinden, maar dat veel mensen het kunnen verdragen om naar het nummer te luisteren. Misschien is elke hit wel gewoon het meest aanvaardbare muzikale behang van het moment. Denk eens aan de verregaande implicaties die dit heeft, mocht deze aanname juist zijn: dit zou niet alleen betekenen dat het tijdsbeeld over onze muzie over pakweg honderd jaar wordt bepaald door deze hits waar veel mensen niet eens zo veel mee hebben, maar ook dat er in bijvoorbeeld de 18e eeuw veel genialere en mooiere muziek dan de werken van Mozart en Beethoven heeft bestaan die we nu gewoon weg niet meer kennen omdat Eine Kleine Nachtmusik en de Negende Symfonie gewoon vaker op de feesten, partijen en braderieën van die tijd werden gespeeld.

Maar hoe worden die hits waar niemand écht om geeft dan hits? Ik heb eerlijk gezegd geen idee, maar stiekem wil ik geloven dat ergens op een geheime lokatie in een toren in de vorm van een schedel, omringd door onheilspellende donder en bliksem, een illuster gezelschap tezamen komt om de nieuwste nietszeggende hit uit te zoeken zodat deze overal en nergens kapotgedraaid kan worden. Ik zie Sander (of is het nou Coen?), Mr. Pinkpop Jan Smeets, Frans Bauer, Nick (of is het nou Simon?), de gitarist van een slechte coverband en een paar willekeurige kermis-dj’s al als een soort Verbond van Slechteriken en Verdoemenis fluisterend om een tafeltje zitten. Dan scrollen ze door elkaars Spotify afspeellijsten, op zoek naar dat ene nummer waar we eigenlijk niet naar op zoek zijn, maar dat we de komende weken toch gaan horen.

Muhahahahaha.